Dental Tribune Netherlands

“In vijf minuten noodkroon uit betaalbare 3D-printer”

November 20, 2017

In vijf minuten een noodkroon uit een betaalbare 3D-printer? Volgens dr. Joerd van der Meer kan het bijna. Nog zo’n doorbraak: “Binnen vier jaar kijkt iedere tandarts met een scanner door de gingiva.” Met zijn voorliefde voor elektrotechniek (“ik ben een beetje een nerd”) zoekt de Zwolse tandarts en onderzoeker al jaren naar digitale innovatie in de tandheelkunde. Zijn zoektocht bracht hem tot in de filmstudio’s van Hollywood en met zijn team haalde hij de eerste 3D-scanner voor de tandheelkunde naar Nederland. Wat is de digitale stand van zaken in de tandheelkunde, en wat staat ons te wachten? En analoog werken, kan dat nog? Van der Meer vertelde het ons in dit kleurrijke interview.

U werkt twee dagen per week in uw praktijk voor endodontologie in Zwolle. Welke digitale technologie gebruikt u hier?
Voor de lastige casuïstiek gebruik ik software waarmee de hele endodontische behandeling van tevoren kan worden gepland: welke instrumenten ik nodig heb, wat de lengte wordt van de wortelkanalen en hoe ik de endodontische opening moet maken. In andere gevallen werk ik met een intra-orale scanner en Cone Beam Computed Tomography (CBCT). De combinatie van die datasets is nodig voor de planning. Vervolgens laat ik een soort mal 3D-printen om de wortelkanaalbehandeling makkelijker te kunnen doen. Voor sommige behandelingen kun je zo’n planning maken en dergelijke ondersteunende technologie gaat er alleen maar meer komen. Waar je rekening mee moet houden, is dat er meer stralingsbelasting is voor de patiënt bij een CBCT dan bij 2D-röntgenfoto’s. Die afweging dien je als clinicus te maken: weegt de hoeveelheid informatie die ik verkrijg op tegen de hoeveelheid straling die ermee gepaard gaat? Als je niet weet hoe een wortelkanaal verloopt, brengt dat een kans op schade met zich mee. Voordeel is wel dat er door nieuwe technische ontwikkelingen steeds minder straling nodig is voor een goed 3D-beeld.

Maakt digitale technologie het werk als tandarts leuker?
Zeker. Met digitale technologie kun je dingen die voorheen niet mogelijk waren, zoals het combineren van 3D-datasets. Door een CBCT-scan te combineren met een gezichtsscan en digitale gebitsmodellen, is het voor een kaakchirurg bijvoorbeeld veel gemakkelijker een operatie digitaal te plannen en vervolgens uit te voeren.

Levert het u persoonlijk ook extra werkplezier op?
Het stelt mij in staat om met collega’s samen te werken. Met endodontologen, parodontologen, orthodontisten en prothetisch tandartsen werken we in een interdisciplinaire setting aan ingewikkelde casuïstiek. Zoals bij autotransplantaten: ik ontvang een CBCT van een collega, maak een planning en vraag de andere disciplines te reageren. Omdat alle 3D-beelden via de mail worden verzonden, kan iedereen er op zijn eigen moment naar kijken en hoef je niet bij elkaar te komen. Ik maak vanuit mijn praktijk in Zwolle een ontwerp voor een element, stuur dat naar het tandtechnisch lab waar het wordt gefreesd, en vervolgens wordt het bij mijn collega in Rotterdam afgeleverd. Zonder digitale technologie was dit soort teamwork niet mogelijk. Het maakt het werk makkelijker, voorspelbaarder en leuker.

Hoe ontstond uw interesse voor digitale mogelijkheden in de tandheelkunde?
Al op de middelbare school had ik een voorliefde voor elektrotechniek. Ik ben dus altijd een beetje een nerd geweest. De interesse voor de 3D-techniek ontstond toen ik in Groningen werkzaam was en de afdeling orthodontie van de RUG overging naar het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Het hoofd van die afdeling vroeg mij te onderzoeken wat de mogelijkheden waren om gipsmodellen te vervangen. Daarop heb ik een bevriende 3D-animator ingeschakeld die het een leuke uitdaging vond mee te denken. In Nederland waren toen nog geen 3D-scanners te krijgen, dus weken we uit naar Frankrijk, Duitsland en Engeland. Zo kwamen we onder meer terecht bij bedrijven die met zo’n scanner parfumflesjes maakten. Uiteindelijk kozen we ervoor ook een 3D-scanner aan te schaffen voor het UMCG, wat gold als de start van de digitale tandheelkunde.

U was de eerste die een 3D-scanner naar Nederland bracht?
Op dat moment was het lastig om aan een goede 3D-scanner te komen. De technologie was erg duur en maar mondjesmaat verkrijgbaar. De eerste scanners werden vooral voor productie gebruikt, voor CAD/CAM-technologie. Daarnaast maakte Hollywood gebruik van 3D-scanners. Omdat de afdeling Orthodontie ook geïnteresseerd was in het scannen van gezichten, gingen we naar het bedrijf dat in de Verenigde Staten Famke Janssens lichaam had gescand met een 3D-scanner voor de film X-men. Later mocht ik met de ontwikkelaars van 3M meedenken over hun eerste intra-orale scanner. De digitale tandheelkunde stond toen echt nog in de kinderschoenen. Zo snel kan het gaan: mijn kinderen vinden 3D-technologie al heel vanzelfsprekend en zeggen laconiek “dat kan ik met mijn iPhone ook.”

Wat staat er binnen de digitale tandheelkunde de komende tijd te gebeuren?
Wat je uiteindelijk wilt, is de digitale technologie aan de stoel gebruiken, waar het nu vooral om voorbereiding gaat. Volgend jaar komen drie fabrikanten met een 3D-printer die in tandkleurig, biocompatibel vulmateriaal binnen vijf minuten een noodkroon op maat kan printen. Dat zijn betaalbare printers voor de tandarts algemeen practicus. Dat biocompatibele materiaal is bovendien van Nederlandse makelij, want ontwikkeld door TNO. Daarmee zijn we hier in Nederland koplopers op dit gebied.
Een doorbraak is dat je binnenkort een digitale afdruk kunt maken waarbij door de gingiva gekeken kan worden. Daarmee kun je de rand van de kroon of brug veel gemakkelijker in de afdruk krijgen. Dat is nu vaak nog een struikelblok, ook met optische scanners. Voor vrijwel alle tandartsen vergemakkelijkt dit het werk. We zijn nu al heel dicht bij dat kantelpunt. Deze technologie zal in het begin nog duur zijn, maar ik verwacht dat we over vijf jaar allemaal dat soort scanners kunnen gebruiken.

Welke digitale technieken zou in de toekomst graag in uw eigen praktijk toepassen?
Er zijn een aantal veelbelovende technieken in aantocht. Zo is de verwachting dat binnen een paar jaar betaalbare apparatuur op de markt is waarmee de doorbloeding van de pulpa kan worden gemeten. Dat zou een enorme aanwinst zijn, omdat we daarmee veel beter kunnen beoordelen hoe een tand of kies moet worden behandeld en of endodontische behandeling noodzakelijk is. Verder zou ik graag een MRI-scanner voor het hoofd-halsgebied zien. Dat lijkt toekomstmuziek, maar er zijn al een paar bedrijven bezig die te ontwikkelen. Zonder röntgenstraling kun je daarmee een schat aan 3D-informatie van een patiënt verkrijgen. Helaas zal het pas tegen mijn pensioen zijn dat een dergelijke scanner op de markt is.

Tot slot: is de workflow bij u thuis ook volledig digitaal?
Volgens mijn echtgenote is er veel te veel digitaal. Zij wordt weleens gek van de 3D-printers en -scanners die ik overal mee naartoe sleep of de technische gadgets die door het huis lopen. Aan de andere kant vind ik het heerlijk om naar een ouderwetse boekhandel te gaan, waar ze echte papieren boeken verkopen. Alleen al de lucht van al die boeken vind ik heerlijk, om vervolgens een analoog boek te kopen. Best ouderwets, hè?

Dit is een verkorte weergave van het interview met Joerd van der Meer in de novembereditie van Dental Tribune.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

© 2021 - All rights reserved - Dental Tribune International