Search Dental Tribune

Meer dan tandarts: Ayça Siner – jurist

Foto: Ayça Siner

ma. 14 september 2026

Bewaar

Ayça Siner studeerde bijna gelijktijdig af als tandarts en als meester in de rechten. Want hoewel ze tandheelkunde heel leuk vindt, wil ze graag haar horizon verbreden. Nu kijkt ze hoe ze beide vakgebieden kan combineren.

“Ik dacht er als scholier over om Rechten, Filosofie of Geneeskunde te studeren. Maar op de open dag van Tandheelkunde, waar mijn moeder me mee naartoe sleepte, wist ik: dit is het. Terwijl ik daar nooit aan had gedacht, werd tandarts worden mijn roeping. Ik hoorde op die open dag hoezeer je als tandarts midden in de maatschappij staat. Studenten vertelden me: ‘Je ziet als tandarts zoveel verschillende mensen, met zoveel verschillende achtergronden en mogelijkheden en onmogelijkheden, en daar moet je je zorg op afstemmen’.

Dat vind ik vandaag de dag nog steeds fantastisch aan tandarts zijn. Ik vind het hartstikke mooi om een goede vulling, brug of kroon te maken, maar mensen, dat vind ik echt fantastische wezens. Je bouwt een band met ze. Je kent hun kinderen, hun familie. Ik vind het heel mooi om dicht bij mensen te staan en zorg te leveren. Ik krijg er een heel fijn gevoel van om iemands wens in vervulling te laten gaan, of dat nou iets esthetisch is, of pijnvrij worden. Het is tof dat ik kan bijdragen aan iemands plezier en leven.”

Fijn vangnet

“Maar na mijn eerste jaar Tandheelkunde daalde het besef in dat ik misschien toch mijn horizon moest verbreden. Ik miste verdieping. Ik volgde eerst bijvakken en wilde daarna Rechten studeren. Dat hadden ze zowel bij de faculteit Rechten als bij Tandheelkunde nog niet meegemaakt; hoe ga je die roosters combineren? Maar ik wilde het graag proberen en vanaf mijn derde jaar Tandheelkunde ben ik ook de voltijdstudie Rechtsgeleerdheid gaan doen. Ik heb mijn master Tandheelkunde en mijn bachelor Rechtsgeleerdheid vorig jaar samen behaald en onlangs ook mijn master Burgerlijk Recht.

Ik wilde het onderste uit de kan halen en kijken waar mijn grens ligt. Het voelde een beetje als een uitdaging. Het was best pittig, omdat je twee uitersten van je brein gebruikt. Tandheelkunde is, zeker in de bachelor, heel praktisch en Rechten juist puur theoretisch. Dat was soms lastig. Maar Tandheelkunde aan de Radboud Universiteit staat bekend om zijn fijne vangnet. Het is een kleine club, waardoor je heel hecht bent. Mijn ouders, familie en vrienden waren ook supportive. Ik heb voor mijn gevoel een paar keer met mijn ogen geknipperd en toen was de bachelor opeens over.”

Paniek

“Wat me zo aantrok om die Rechtenstudie te volgen, is dat bijna elke beweging die je maakt, gereguleerd is door het recht. Het recht ordent de maatschappij, die ik zo interessant vind. Uiteindelijk ben ik mijn hart verloren aan het civiele recht en (meer specifiek) het aansprakelijkheidsrecht, vooral gerelateerd aan gezondheidszorg. Ik was heel benieuwd wat gereguleerd is en wat niet. Je maakt als tandarts je eigen keuzes, maar valt ook onder bepaalde regelgeving. Daar ben ik me in gaan verdiepen. Ik heb bij de KNMT op de juridische afdeling stage- gelopen. Daar had ik de projectleiding over de herziening van de gedragsregels voor tandartsen. We hebben een vertaalslag gemaakt naar begrijpelijke taal, met praktijkvoorbeelden, en we spreken de tandartsen nu met ‘je’ aan in plaats van ‘u’. Zo zocht ik verdieping tussen de tandheelkundige praktijk en het recht. Dat was heel leuk en leerzaam.

Ik wil graag de spagaat verkleinen tussen beide beroepen. Het liefst wil ik onderzoek doen naar hoe we onze beroepsgroep kunnen ondersteunen, wellicht middels een promotieonderzoek. Ik wil graag evalueren welke praktische betekenis bestaande wet- en regelgeving heeft voor de tandheelkundige praktijk en eventuele leemten blootleggen. Sinds mijn afstuderen heb ik ook al een aantal collega’s gesproken die zich geconfronteerd zien met een tucht- of civiel proces. Ik merk dat veel tandartsen in paniek raken door een klacht. Daar schrik ik echt van. Het tuchtrecht is niet in het leven geroepen om mensen genoegdoening te geven, maar juist om de kwaliteit van ons vak hoog te houden. Toch wordt dat vaak niet zo gezien en dat is jammer.”

Patiënten missen

“De gemene deler tussen beide beroepen is dat je je bij beide goed moet inleven in de wereld van je cliënt of patiënt. Je moet interesse hebben in hoe de maatschappij functioneert. Enkel een vulling leggen, zonder erbij stil te staan hoe een patiënt zich voelt, dat kan niet. Evengoed kan een jurist niet het recht in zijn geheel interpreteren zonder stil te staan bij hoe de maatschappij functioneert en hoe dat is voor de betrokken cliënt.

Ik heb even op het punt gestaan om mijn baan als tandarts te verruilen voor een baan als rechter of advocaat. Ik was vroeger echt een klungel: liet dingen vallen, stootte me overal aan. De studie Tandheelkunde was dan soms ook wel lastig. Rechten ging me daarentegen gewoon heel makkelijk af. Ik ben wel een natuurlijke prater. Maar ik heb net zo goed mijn hart verloren aan patiëntenzorg als aan het recht. Ik zal nooit helemaal kunnen stoppen als tandarts. Ik zou mijn patiënten missen.

Ik sluit niet uit dat ik nog eens een nieuwe opleiding doe. Ik heb nog gekeken naar de master Health Business Administration. Ik vind bestuurskunde ook zo leuk. Maar ik ben nu lekker bezig met bij- en nascholing in de tandheelkunde. Weer in mezelf investeren als tandarts, heerlijk! Ik wil eigenlijk ook op jazzpiano en Frans leren. Als je me over een half jaar spreekt, heb ik er alweer tien hobby’s bij!”

To post a reply please login or register
advertisement
advertisement