Wat is de kans dat een gezonde patiënt van 30 jaar die geregeld bij de mondhygiënist komt nog een gaatje krijgt? Als het gebit en de mondhygiëne op orde zijn, is de kans op cariës klein. Als we patiënten daarom minder vaak voor een volledig periodiek mondonderzoek hoeven te zien, zijn er twee dingen die we zouden kunnen doen: patiënten rationeel segmenteren en alert zijn op sociaal impactvolle veranderingen. Wat zeggen de cijfers, wat is het nut van zo’n gedifferentieerde aanpak en welke rol spelen de mondhygiënist en preventieassistent hierin?
De komende jaren krijgen we te maken met een grote groep (die t/m 29 jaar) met substantieel minder restauraties en minder kans op endodontische problemen. Deze toename van gezonde patiënten in de praktijk is niet uniek. Infomedics stelde tijdens zijn roadshow dat het aantal restauraties per honderd patiënten in de afgelopen vijf jaar met 16% is afgenomen. Waar het gemiddelde aantal wortelkanaalbehandelingen in praktijken rond de vier per honderd zweeft, is dit bij ons in de praktijk (Dentalways) al afgenomen tot 1,4 per honderd patiënten. Dit betekent minder restauratief werk en meer monitoren en begeleiden. Dat juichen we toe, maar het vraagt wel om een aanpassing van ons werk.
Tegelijk zijn er genoeg andere variabele factoren die van invloed zijn op de mondgezondheid. Over beroep en hobby’s leggen we vaak niets vast, terwijl het daar ook bij stabiele patiënten nog wel eens kan misgaan. Kleine gewoontes of omstandigheden kunnen veranderen. De mondverzorging is bijvoorbeeld altijd slechter in september, als mensen zonder tandenstokers of ragers op vakantie zijn geweest. Dat een accountant sommelier werd en in de avonden begon te werken, liet ook duidelijke sporen na in zijn gebit. En ook een jonge vrouw die zwanger is, zie ik graag eerder terug.
Risicostratificatie: de sleutel tot een gedifferentieerd model
De sleutel om in te spelen op de grotere groep gezonde patiënten en tegelijk oog te houden voor persoonlijke veranderingen, is risicostratificatie: het indelen van patiënten op basis van hun mondgezondheidsrisico, waarna controlefrequentie en -type worden afgestemd op dat risico. Dit is geen nieuw idee (de wetenschap ondersteunt het al decennia), maar de implementatie in de dagelijkse praktijk blijft achter.
De drie kerndimensies van risico in het periodiek mondonderzoek zijn:
cariësrisico: onder andere dieet, speekselkwaliteit, fluoridegebruik, dentitie, eerdere caviteiten;
parodontaal risico: onder andere bloedingsneiging, pocketdiepte, botafbraak, rookgedrag, diabetes;
slijtagerisico: onder andere bruxisme, erosie door zuur, occlusale belasting.
Naast deze drie aandachtsgebieden spelen röntgenonderzoek, wijzigingen in algemene gezondheid en de complexiteit van de restauratieve oplossing een belangrijke rol. Het slijtagerisico is ook belangrijk, maar wijzigt zelden onverwacht op de korte termijn.
Concreet, stel ik zelf altijd deze vijf vragen om een vervolg te kunnen plannen:
Wat is het cariësrisico?
Wat is het parodontaal risico?
Hoe complex is de restauratieve oplossing?
Is er een plan voor de komende drie jaar?
Zijn er wijzigingen in de gezondheid of sociale impactvolle veranderingen?
De uitdaging en de kans
Op het gebied van vastlegging wordt er veel van een tandarts verwacht: de jaarlijkse PPS, de TWES een keer per drie jaar, het zorgdoel, het zorgplan, wijzigingen in de gezondheid, wijzigingen in het interval voor bitewings en de zorgvraag van de patiënt moet je in ieder geval vastleggen. Daarnaast moet je de wijzigingen bespreken.
De uitdaging is dus om het simpel en uitvoerbaar te houden. Tegelijk biedt een gedifferentieerd controlemodel de kans om te bepalen of en wanneer de tandarts echt nodig is voor een periodiek mondonderzoek. Heldere protocollen voor terugkoppeling en escalatie zijn hierbij natuurlijk nodig, voor zowel het team als de patiënt. De tandarts blijft eindverantwoordelijk voor de diagnose en het behandelplan. Ook bewaakt hij het systeem, zodat patiënten op tijd worden gezien door een zorgverlener van het juiste niveau. Dit maakt agendacapaciteit vrij voor complexere zorg, herziening van een behandelplan en nieuwe patiënten.
De praktische implementatie
De mondhygiënist kan hierin een belangrijke rol spelen. Als tandarts en mondhygiënist geregeld samen naar een patiënt kijken, werkt dat naar mijn ervaring heel goed. De mondhygiënist kan dan ook het behandelplan, wijzigingen in de gezondheid en de planning voor bitewings in de gaten houden. Dit betekent dat de mondhygiënist niet alleen focust op de parodontale staat, maar ook op de patiënt als geheel. Ik vind dat als je de patiënt niet kent (bijvoorbeeld als je niet weet wat diens beroep of vrijetijdsbesteding is), je niet aan een duurzame tandheelkundige relatie kan beginnen. Prima voor de spoed, maar voor een behandelrelatie geldt: eerst de band, dan het plan.
Bij elke nieuwe richtlijn (die voor het periodiek mondonderzoek is in de maak), houd ik wel mijn hart vast. Verandering is nodig als de omstandigheden veranderen, maar vaak wordt iets verplicht gesteld wat in de praktijk niet verwerkt kan worden. De richtlijn Gebitsslijtage is daar een mooi voorbeeld van. Mooie richtlijn, maar niet verwerkt in de software. Het periodiek mondonderzoek is de hoeksteen van de Nederlandse mondzorg. Als je wilt voorsorteren op een meer gesegmenteerde aanpak bij het periodiek mondonderzoek van volwassenen, dan zou ik de vijf in dit artikel genoemde vragen stellen en daar een oordeel op baseren, zodat je in de praktijk kunt kijken of dit voor jou werkt.
Veel tandartsen en mondhygiënisten kiezen na hun afstuderen niet direct voor een eigen praktijk. Ook tandartsen die al langer werkzaam zijn, twijfelen vaak...
Als zzp’er in loondienst gaan, is een scenario dat binnen onze beroepsgroep de laatste tijd weer vaker op tafel ligt. Daarbij staan we voor een lastige ...
DUBAI – De absolute top in nascholing in de esthetische en restauratieve tandheelkunde? U vindt het bij Tribune CME in een uitdagend cursusprogramma, ...
Vandaag, 16 mei, is het de ‘Dag van het Tandvlees’. In heel Nederland wordt er daarom aandacht gevraagd voor de gezondheid van tandvlees. Dit blijkt ...
HOUTEN – Brancheorganisatie NMT heeft in de communicatie aan haar leden gewezen op het feit dat een website met een prijslijst in het kader van het ...
WASHINGTON, VS – Plastic is overal aanwezig in de moderne tandheelkundige zorg. In composietvullingen tot aan wegwerpbare afzuigmondstukken. Er zijn ...
DRACHTEN ‒ In een mondzorgpraktijk moeten dagelijks heel veel taken en taakjes gedaan worden. Wie doet wat en wie heeft aan het einde van dag nog het ...
Tijdens het eerste bezoek werd bij een 51-jarige patiënte bij rontgen- (afb. 1) en mondonderzoek een matige randaansluiting van de restauraties in de ...
BILTHOVEN – Het RIVM heeft de richtlijn rond het testbeleid en de inzet van zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis aangepast. Dat brengt voor de mondzorg ...
In dit artikel beschrijft prof. dr. ir. Jef van der Zel het ontwikkelpad van chipresistente, natuurlijk gelaagde Primero-kronen en -bruggen op basis van ...
Opleiding
Live webinar ma. 15 juni 2026 5:00 (CET) Amsterdam
Het Kennisinstituut Mondzorg (KIMO) heeft onlangs de richtlijn Indicatiestelling van intra-oraal en panoramisch röntgenologisch onderzoek in de mondzorg ...
Van de Nederlandse tandartsen komt bijna een kwart uit het buitenland. Maar andersom komt ook voor: Nederlandse tandartsen die in het buitenland werken. Hoe...
To post a reply please login or register