DT News - Netherlands - “Hoog tijd voor reflectie op implantologie”

Search Dental Tribune

“Hoog tijd voor reflectie op implantologie”

De 23e jaarlijkse Scientific Meeting van de EAO werd dit jaar gehouden in Rome. (foto: Claudia Duschek)
Prof. dr. Mauro Labanca

Prof. dr. Mauro Labanca

do. 23 oktober 2014

Bewaar

Prof. dr. Mauro Labanca (Milaan, 1960) is een internationaal bekende MKA-chirurg, gespecialiseerd in implantologische behandelingen. Hij doceerde op diverse Italiaanse universiteiten en was actief voor talloze internationale verenigingen voor MKA-chirurgie en implantologie. In dit scherpe betoog spreekt Labanca zijn zorgen uit over de ‘popularisering’ van de implantologie.

Wat ik mij goed herinner van toen ik vele jaren geleden begon in de implantologie, is hoe extreem nauwgezet de procedure werd aangepakt. In dat pionierstijdperk was er slechts één bedrijf actief in de implantologie, dat niet alleen het monopolie op de materialen had, maar ook op de training van de weinigen die in het vakgebied werkten. Een vakgebied dat, hoewel al veel langer geleden ontstaan, nog in de kinderschoenen stond.

Mijn ervaringen in de chirurgie hielpen mij te begrijpen dat het noodzakelijk is om zeer behoedzaam en nauwgezet de protocollen te volgen, om de operatiekamer adequaat in te richten voor de ingreep en om aandacht te hebben voor steriel werken en het omgaan met een patiënt die een corpus alienum geïmplanteerd krijgt, met de bedoeling dat dit een aantal jaren zal blijven zitten. In die tijd was dit voorbehouden aan slechts een handjevol mensen dat voldoende aandacht besteedde aan de behandelplanning, omwille van hun eigen patiënten en van de patiënten die ze doorverwezen kregen van hun collega’s. Sinds die tijd bemerk ik echter, met grote verbazing en even zoveel zorgen, een geleidelijke versoepeling van de procedure. Hoewel het werk tegenwoordig door meer clinici wordt uitgeoefend, zie ik een gevaarlijke afname in de regels, protocollen, patiëntvoorlichting en ethische richtlijnen die clinici moeten volgen. Vergelijkbaar met de regeneratieve chirurgie is de periode van ontwikkeling gevolgd door een periode van simplificatie, wat de implantaattherapie binnen het bereik van meer behandelaars heeft gebracht. Hierdoor zijn patiënten niet langer genoodzaakt lange en soms onnodige reizen te maken in de hoop een behandeling te krijgen van een vooraanstaand tandarts, vele kilometers verder weg.

Helaas volgde op deze snelle groei niet wat in mijn ogen de juiste volgende stap in de evolutie van het veld is. Ik zal hier niet spreken over de universitaire opleidingen, die zelden slagen in het afleveren van algemeen practici met afdoende chirurgische vaardigheden. In plaats daarvan wil ik nagaan wie tegenwoordig daadwerkelijk in staat zijn om de implantologie te beoefenen. Hoeveel tandartsen verklaren dit te kunnen, zonder de vereiste universitaire kwalificaties ooit behaald te hebben? Hoeveel tandartsen hebben slechts minimale training gehad in een tweedaagse cursus gegeven door een implantaatproducent?

Tijdens mijn nationale en internationale onderwijsactiviteiten heb ik het voorrecht gehad om veel tandartsen te ontmoeten die de vaardigheden hebben om implantaatprocedures uit te voeren. Helaas ontmoet ik ook veel te vaak behandelaars die onvoldoende aandacht aan het vak besteden. In mijn lessen over anatomische chirurgie, dit jaar voor de 15e maal gegeven, word ik tot mijn spijt vaak geconfronteerd met het feit dat veel tandartsen niet alleen basale anatomische kennis missen, maar zich er ook niet van bewust zijn dat adequate anesthesie voor een groot deel gebaseerd is op kennis van anatomische oriëntatiepunten. Daar kan het negeren van de basisregels van chirurgie aan worden toegevoegd, alsof het maken van een incisie en het plaatsen van een implantaat totaal risicoloze zaken zijn. Wanneer ik vraag wat te doen bij een arteriële laesie bijvoorbeeld, zie ik te vaak cursisten bijgelovige gebaren maken, in plaats van een Klemer te pakken.

Er is helaas een trend in Italië om in toenemende mate ‘gekloonde’ implantaten van dubieuze oorsprong te gebruiken waar zelden onderzoek naar gedaan is. Het weinige onderzoek vond plaats met onwetende patiënten in wat nauwelijks in de buurt komt van een fatsoenlijke klinische test. Is het zinvol om wellicht 50 of 100 euro te besparen op een hulpmiddel dat evenveel waardigheid moet hebben als een prothetische heup of dijbeen en een leven lang in de mond van de patiënt moet blijven? Helaas levert deze keus niet eens een besparing voor de patiënt op, die dezelfde prijs betaalt als de tandarts simpelweg een grotere marge opstrijkt.

De afgelopen jaren is door de stevige invloed van private bedrijven nog een trend ontstaan, waardoor de implantologie wordt getrivialiseerd, gepopulariseerd bijna. Aangezien met alle nieuwe radiografische middelen, software, systeemontwerpen, chirurgische stents enzovoort iedereen zichzelf een implantoloog denkt te kunnen noemen, ondanks een gebrek aan expertise of ervaring in bijvoorbeeld de chirurgie. Tandartsen bieden tegenwoordig nieuwe tanden aan binnen 24 uur middels extreem directe plaatsing, of alles-op-vier voor elke prijs en bij elke mondconditie, met ‘flaploze’ chirurgie voor iedereen. Het plaatsen en belasten van de opbouw en de gevolgen worden echter totaal niet in overweging genomen; de stabiliteit van het implantaat, resonantiefrequentie, stabiliteit- en adequaatheidcontroles en het prothetisch herstel evenmin. En wat te denken van behandelaars die zich doof houden voor de algehele gezondheid van de patiënt, zich niet afvragen of de patiënt om kan gaan met de operatie en geen rekening houden met de mogelijkheid dat de behandeling geen of niet het gewenste effect heeft of bijwerkingen geeft? Enfin, we kunnen dit allemaal afdoen als nonsens en nutteloze drogredenen van een oude pedante man als ik of mijn andere wat oudere collega’s.

Dat Italië dit jaar de gastheer was van de prestigieuze jaarlijkse bijeenkomst van de European Association for Osseointegration zou een startpunt kunnen zijn voor kritische reflectie door alle betrokkenen. Laten we samen proberen een kleine stap terug te doen, terwijl we blijven proberen de laatste ontwikkelingen op de markt bij iedereen onder de aandacht te brengen. Laten we niet vergeten dat we de plechtige verantwoordelijkheid en verplichting hebben om valide, praktische en betrouwbare richtlijnen te geven. Laten we minder gevoelig zijn voor bedrijfsmatige dictaten en commerciële druk, en meer pragmatisch in het onderwijzen van anderen om waar van niet waar te kunnen onderscheiden. Op deze manier kunnen we hen tonen wat concreet te bereiken is door de nieuwe tandheelkundige populatie, en niet blijven spreken van een wonder dat alleen door een enkele superexpert uit te voeren is. Laten we onszelf eraan herinneren dat het plaatsen van een implantaat een chirurgische procedure is bij een levende patiënt, die zijn eigen geld in de waagschaal stelt, evenals zijn meest waardevolle bezittingen: zijn persoonlijke gezondheid en vertrouwen.

Tegenwoordig bestaat er een overvloed aan wetenschappelijke en onderwijsactiviteiten, die te vaak enkel een podium bieden aan individuen die het zelfs niet waard zijn een podium te benaderen. Laten we dit waardevolle middel gebruiken voor haar eigenlijke doel: het delen van de expertise van degenen met meer ervaring, ten goede van hen met minder ervaring. Voor het delen en leren van onze fouten en om te zeggen wat moet worden gezegd, ook als dat tegen de stroom in lijkt te gaan, of een stap terug. Maar laten we bovenal de patiënt weer het middelpunt van ons behandelplan maken, door procedures achterwege te laten die voor de patiënt niets toevoegen, maar enkel onze ijdelheid voeden of een serie mooie presentatie-slides opleveren.

Wat onze patiënten alleen maar willen en nodig hebben is een oplossing voor hun probleem. Zij hebben hun vertrouwen in ons gesteld en wij moeten, in goed vertrouwen en met ons gezonde verstand, een oplossing vinden gebaseerd op wetenschappelijk bewezen principes die passen bij onze daadwerkelijke vaardigheden. We moeten aan onszelf toegeven dat niet alles wat kan worden gedaan, ook moet worden gedaan. Met meer nederigheid en de juiste training en expertise moeten we de wetenschappelijke en culturele waardigheid van onze professie herstellen. Want op dit moment dreigt het gevaar dat we die verliezen, ten koste van de vele professionals die blijven geloven in dit beroep en het beoefenen tegen de beste en meest realistische criteria van excellentie.

To post a reply please login or register
advertisement
advertisement